Bezwaar en beroep

Wie het niet eens is met een besluit kan in veel gevallen een bezwaarschrift of, in bepaalde gevallen, een beroepschrift indienen. Het kan hierbij gaan om een besluit van de raad, het college van burgemeester en wethouders of van de burgemeester, de drie “bestuursorganen” van de gemeente. Een bezwaarschrift dient u in bij het bestuursorgaan dat het besluit genomen heeft.

Een ingediend bezwaarschrift wordt om advies naar de commissie voor de bezwaarschriften gezonden. De commissie bekijkt de zaak en brengt advies uit. 

Het is belangrijk te weten dat deze informatie niet geldt als het om een genomen besluit gaat dat betrekking heeft op:

  • een gemeentelijke belasting of heffing;
  • het vaststellen van een bestemmingsplan;
  • de Wet milieubeheer.

Spoedprocedure 

Een zorgvuldige behandeling van een bezwaarschrift kost tijd. Soms kunt of wilt u de afloop niet afwachten. Daarom is het mogelijk om, naast het indienen van een bezwaarschrift, bij de Voorzieningenrechter van de Rechtbank een spoedprocedure te starten. Dat kan op zijn vroegst tegelijk met het indienen van een bezwaarschrift. Er wordt dan beoordeeld of uw belangen zo spoedeisend zijn dat niet gewacht kan worden tot een besluit op uw bezwaarschrift genomen is.

Schriftelijk bezwaar indienen binnen zes weken

U moet uw bezwaar schriftelijk indienen en wel in principe binnen zes weken na de verzenddatum van het besluit waarmee u het niet eens bent. De bezwarentermijn staat aangegeven onder een besluit. Als u een bezwaarschrift te laat indient, wordt het in principe niet-ontvankelijk verklaard. Dat betekent dat het niet inhoudelijk behandeld wordt, tenzij er sprake is van bijzondere omstandigheden. In het bezwaarschrift dient te staan waarmee en waarom u het niet eens bent.

N.B.: soms kan het voorkomen dat u het oneens bent met een besluit dat door een ander is aangevraagd. Ook al leest u daar pas later over in de krant, toch geldt dat u binnen zes weken na de verzenddatum uw bezwaar moet indienen.

Een speciale commissie die voorbereidt, hoort en adviseert

De behandeling van het bezwaarschrift bestaat uit vier fasen. Voor het behartigen van de eerste drie fasen is er in de gemeente Ouder-Amstel een speciale commissie ingesteld, de commissie voor de bezwaarschriften. De commissie heeft drie leden en een voorzitter. Allen zijn volledig onafhankelijk en hebben expertise op het gebied van de wet en het besturen van een gemeente. De leden van de commissie zijn: de heer D. Goris (voorzitter) de dames M.C.J. van Roosmalen en M. Van der Herberg en de heren W.A. Hakstege en A.J. Elbertsen. De secretaris van de commissie is bereikbaar voor vragen en opmerkingen over de commissie via (020) 496 21 21.

Fase 1: de voorbereiding

Allereerst krijgt u na het indienen van een bezwaarschrift een ontvangstbevestiging. Ook over elke volgende stap in de procedure ontvangt u bericht. Het secretariaat van de commissie verzamelt de stukken die betrekking hebben op het bezwaar. Die liggen, behoudens ambtelijke adviezen, tenminste een week voor betrokkenen ter inzage.

Fase 2: de hoorzitting

De indiener van een bezwaarschrift en de belanghebbenden krijgen een schriftelijke uitnodiging om op een hoorzitting hun standpunt toe te lichten. In de uitnodiging staat waar en wanneer de commissie u verwacht. De hoorzitting wordt in principe altijd in het gemeentehuis gehouden. Vaak zijn er op een avond meerdere zaken. De commissie doet haar best wachttijden kort te houden. Niettemin kunnen zaken uitlopen. In bepaalde gevallen kan de commissie afzien van een hoorzitting. De vergadering is in beginsel openbaar. Er kunnen dus toehoorders, waaronder de pers, aanwezig zijn. Wanneer het echter om een vertrouwelijke zaak gaat, kan verzocht worden de behandeling achter gesloten deuren te laten plaatsvinden. Ook is het mogelijk om gehoord te worden door alleen de voorzitter, als de zaak over privacygevoelige onderwerpen gaat (bijvoorbeeld jeugdzorg of maatschappelijke ondersteuning).

Verloop hoorzitting 

In de regel treft u drie commissieleden en de secretaris aan. Tegelijk met u komt de vertegenwoordiging van het gemeentebestuur binnen. De indiener van het bezwaar krijgt eerst gelegenheid zijn of haar standpunt uiteen te zetten. Het is verstandig om thuis al op papier te zetten waarover u het wilt hebben (pleitnota). Dit voorkomt dat u vergeet bepaalde onderwerpen naar voren te brengen. Ook de vertegenwoordiging van het gemeentebestuur en de eventueel aanwezige derde belanghebbenden krijgen het woord. In de regel zullen de commissieleden ook vragen stellen. Meegekomen adviseurs, getuigen en deskundigen mogen - eventueel namens u - in de vergadering het woord voeren. Ook kunt u schriftelijke bewijsstukken meenemen. Indien u niet zelf kunt komen, kunt u een ander schriftelijk machtigen om namens u het woord te voeren. Die machtiging moet dan wel op de hoorzitting worden ingeleverd. Als uw gemachtigde staat ingeschreven als advocaat of procureur is dit niet nodig.

Fase 3: het advies

Nadat alle partijen zijn gehoord, is de hoorzitting afgelopen en vergadert de commissie in beslotenheid verder. In beginsel wordt binnen een maand na de zitting het advies vastgesteld, inclusief een kort zakelijk verslag van de hoorzitting. Soms vergt de advisering extra tijd omdat op bepaalde punten bijvoorbeeld nader onderzoek nodig is.

Fase 4: de beslissing

Enkele weken na toezending van het advies aan het bestuursorgaan krijgt u schriftelijk bericht over het besluit op uw bezwaarschrift. Vaak is dat besluit gelijk aan het advies van de commissie. Als van het advies wordt afgeweken moet de reden worden vermeld. U krijgt altijd het advies en het kort zakelijk verslag van de hoorzitting toegezonden. In het besluit staat waar u in beroep kunt gaan. Ook hier geldt wat onder “Spoedprocedure als u niet wachten kunt” over een spoedprocedure vermeld is. Binnen twaalf weken na het einde van de bezwaartermijn, moet een beslissing zijn genomen. Deze termijn kan voor één keer met ten hoogste zes weken worden verlengd c.q. uitgesteld. Wordt een besluit op uw bezwaarschrift niet tijdig genomen dan kunt u het college in gebreke stellen. Zie pagina Wet dwangsom en beroep voor meer informatie.

Het is niet altijd kosteloos

De behandeling van een bezwaarschrift door de commissie voor de bezwaar- en beroepschriften is kosteloos. Gaat u in beroep bij de Rechtbank - in het geval van deze gemeente eigenlijk altijd de Rechtbank te Amsterdam - dan moet griffierecht worden betaald. Vraagt u tegelijk met het instellen van uw beroep of tijdens de beroepsprocedure om een voorlopige voorziening dan moet in totaal tweemaal griffierecht worden voldaan. Ook bij het vragen van een voorlopige voorziening tijdens de bezwaarfase is griffierecht verschuldigd. Van de griffier van de rechtbank krijgt u een acceptgiro. Het is belangrijk tijdig te betalen. Wanneer de rechter u in het gelijk stelt, dient de gemeente de betaalde griffiegelden aan u te vergoeden.