Akkoordlijst 19 juli 2022

Anterieure overeenkomst tijdelijke initiatieven P Plus

In 2021 is het bestemmingsplan voor de Smart Mobility Hub door de gemeenteraad van Ouder-Amstel vastgesteld. Initiatienemer voor de SMH, gemeente Amsterdam, is vervolgens verder gegaan met de voorbereiding van de werkzaamheden. Om de SMH mogelijk te maken moet nog een alternatieve locatie gevonden worden voor een huidige functie, de sportwerf. De beheerders van de sportverenigingen in regio Zuid Oost hebben hier hun basis met onder andere een kantine en opslagruimte. Daarnaast is een bouwhub nodig voor de werkzaamheden aan de SMH. Hier kunnen werknemers van de aannemers parkeren, zijn directieketen waar vergaderd kan worden, is ruimte voor opslag en kunnen vrachtwagens wachten totdat ze het bouwterrein op kunnen. Beide functies zijn tijdelijk en voorzien op het huidige terrein van P Plus. De functies sportwerf en bouwhub passen niet in het huidige bestemmingsplan waardoor een tijdelijke ontheffing nodig is. Voordat deze wordt verleend, moet een anterieure overeenkomst gesloten worden om zaken als tijdelijkheid en verhaal van plankosten vast te leggen. Deze overeenkomst ligt voor ter besluitvorming.

Besluit 

De anterieure overeenkomst met gemeente Amsterdam aan te gaan.

Beslissing op bezwaar: spoedeisende bestuursdwang, en kostenverhaalsbeschikking, S.A. (Jupiter, Duivendrecht)

Bij besluit van 29 januari 2022, verzonden op 1 februari 2022, is mevrouw S.A. (hierna: “bezwaarmaker”) geïnformeerd over de op 29 januari 2022 toegepaste spoedeisende bestuursdwang inzake het aanbieden van afvalstoffen anders dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening. Tevens is aangekondigd dat de kosten verbonden aan het toepassen van bestuursdwang verhaald worden. Dit is gedaan bij besluit van 29 januari 2022, verzonden op 1 februari 2022. Naar aanleiding van het vorenstaande heeft bezwaarmaker op 14 april 2022 bezwaar ingediend. Het bezwaar bevatte een gebrek. Om die reden is bezwaarmaker bij brief van 21 april 2022 (verzonden bij e-mail van 21 april 2022) verzocht om dit gebrek te herstellen. Bezwaarmaker heeft hierop niet gereageerd. 

U wordt als volgt geadviseerd: 

  1. Het bezwaar van 14 april 2022 niet-ontvankelijk te verklaren; 
  2. De besluiten van 29 januari 2022 (verzonden op 1 februari 2022) in stand te laten; 
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Besluit 

  1. Het bezwaar van 14 april 2022 niet-ontvankelijk te verklaren.
  2. De besluiten van 29 januari 2022 (verzonden op 1 februari 2022) in stand te laten.
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Beslissing op bezwaar: spoedeisende bestuursdwang, en kostenverhaalsbeschikking, L.H. (Sluisplein, Ouderkerk aan de Amstel)

Bij besluit van 7 april 2022, verzonden op 12 april 2022, is de heer L.H. (hierna: “belanghebbende”) geïnformeerd over de op 7 april 2022 toegepaste spoedeisende bestuursdwang inzake het aanbieden van afvalstoffen anders dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening. Tevens is aangekondigd dat de kosten verbonden aan het toepassen van bestuursdwang verhaald worden. Dit is gedaan bij besluit van 7 april 2022, verzonden op 12 april 2022. Naar aanleiding van het vorenstaande heeft de heer E.C. (hierna: ‘’bezwaarmaker’’) namens belanghebbende op 14 april 2022 (ontvangen op 19 april 2022) bezwaar ingediend. Het bezwaar bevatte een gebrek. Telefonisch is op 28 april 2022 aan bezwaarmaker gevraagd dit gebrek te herstellen. Bezwaarmaker heeft het gebrek bij brief van 4 mei 2022 hersteld. 

U wordt als volgt geadviseerd: 

  1. Het bezwaar van 14 april 2022 (ontvangen op 19 april 2022) ontvankelijk en ongegrond te verklaren; 
  2. De besluiten van 7 april 2022 (verzonden op 12 april 2022) in stand te laten; 
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Besluit 

  1. Het bezwaar van 14 april 2022 (ontvangen op (19 april 2022) ontvankelijk en ongegrond te verklaren.
  2. De besluiten van 7 april 2022 (verzonden op 12 april 2022) in stand te laten.
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Beslissing op bezwaar: spoedeisende bestuursdwang, en kostenverhaalsbeschikking, M.S.M. (Kruidenommegang, Duivendrecht)

Bij besluit van 20 april 2022, eveneens op deze datum verzonden, is mevrouw M.S.M. (hierna: “bezwaarmaker”) geïnformeerd over de op 19 april 2022 toegepaste spoedeisende bestuursdwang inzake het aanbieden van afvalstoffen anders dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening. 

Tevens is aangekondigd dat de kosten verbonden aan het toepassen van bestuursdwang verhaald worden. Dit is gedaan bij besluit van 20 april 2022, eveneens op deze datum verzonden. 
Naar aanleiding van het vorenstaande heeft bezwaarmaker op 24 april 2022 bezwaar ingediend.

U wordt als volgt geadviseerd: 

  1. Het bezwaar van 24 april 2022 ontvankelijk en ongegrond te verklaren;
  2. 2) de besluiten van 20 april 2022 in stand te laten; 
  3. 3) bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Besluit 

  1. Het bezwaar van 24 april 2022 ontvankelijk en ongegrond te verklaren.
  2. De besluiten van 20 april 2022 in stand te laten.
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen

Beslissing op bezwaar: spoedeisende bestuursdwang, en kostenverhaalsbeschikking, H.K.S. (Meteoor, Duivendrecht)

Bij besluit van 5 maart 2022, verzonden op 12 april 2022, is mevrouw H.K.S. (hierna: “bezwaarmaker”) geïnformeerd over de op 5 maart 2022 toegepaste spoedeisende bestuursdwang inzake het aanbieden van afvalstoffen anders dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening. Tevens is aangekondigd dat de kosten verbonden aan het toepassen van bestuursdwang verhaald worden. Dit is gedaan bij besluit van 5 maart 2022, verzonden op 12 april 2022. Naar aanleiding van het vorenstaande heeft bezwaarmaker op 25 april 2022 bezwaar ingediend. Het bezwaar bevatte een gebrek. Om die reden is bezwaarmaker bij brief van 28 april 2022 (verzonden bij e-mail van 28 april 2022) verzocht om dit gebrek te herstellen. Bezwaarmaker heeft hierop niet gereageerd. 

U wordt als volgt geadviseerd: 

  1. Het bezwaar van 25 april 2022 niet-ontvankelijk te verklaren; 
  2. De besluiten van 5 maart 2022 (verzonden op 12 april 2022) in stand te laten; 
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Besluit 

  1. Het bezwaar van 25 april 2022 niet-ontvankelijk te verklaren.
  2. De besluiten van 5 maart 2022 (verzonden op 12 april 2022) in stand te laten.
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Beslissing op bezwaar: spoedeisende bestuursdwang, en kostenverhaalsbeschikking, S.V. (Abeelstraat, Duivendrecht)

Bij besluit van 24 februari 2022, verzonden op 1 maart 2022, is mevrouw S.V. (hierna: “bezwaarmaker”) geïnformeerd over de op 24 februari 2022 toegepaste spoedeisende bestuursdwang inzake het aanbieden van afvalstoffen anders dan via het betreffende inzamelmiddel of de betreffende inzamelvoorziening. Tevens is aangekondigd dat de kosten verbonden aan het toepassen van bestuursdwang verhaald worden. Dit is gedaan bij besluit van 24 februari 2022, verzonden op 1 maart 2022. Naar aanleiding van het vorenstaande heeft bezwaarmaker op 28 maart 2022 bezwaar ingediend. Het bezwaar bevatte een gebrek. Om die reden is bezwaarmaker bij brief van 6 april 2022 (verzonden bij e-mail van 6 april 2022) verzocht om dit gebrek te herstellen. Bezwaarmaker heeft hierop niet gereageerd. 

U wordt als volgt geadviseerd: 

  1. Het bezwaar van 28 maart 2022 niet-ontvankelijk te verklaren; 
  2. De besluiten van 24 februari 2022 (verzonden op 1 maart 2022) in stand te laten; 
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Besluit 

  1. Het bezwaar van 28 maart 2022 niet-ontvankelijk te verklaren. 
  2. De besluiten van 24 februari 2022 (verzonden op 1 maart 2022) in stand te laten.
  3. Bezwaarmaker van het besluit schriftelijk op de hoogte te stellen.

Formaliseren bestaande werkafspraken voor Werkstad OverAmstel, deelgebieden Noord en Zuid, in overeenkomst met gemeente Amsterdam

De gemeente heeft de ambitie het Amstel Business Park Zuid (ABPZ) van een klassiek bedrijventerrein te transformeren naar een gemengd stedelijk gebied: Werkstad OverAmstel. Voor deze transformatie is het ruimtelijk beleid vastgelegd in drie opeenvolgend genomen raadsbesluiten: Ruimtelijk-economische visie (vastgesteld 2017), de Richtlijnen voor ontwikkeling (vastgesteld 2019) en het Beeldkwaliteitsplan (vastgesteld 2021). De beoogde transformatie wordt door de gemeente gefaciliteerd op basis van initiatieven vanuit de markt, die door de gemeente worden beoordeeld vanuit haar publiekrechtelijke rol aan de hand van het vastgestelde beleid. Voor elk initiatief moet ook de omringende openbare ruimte worden vernieuwd/heringericht. Omdat gemeente Amsterdam (hierna Amsterdam) de openbare ruimte in eigendom en beheer heeft zal zij alle werkzaamheden in de openbare ruimte verrichten. Om die reden is bijgaande overeenkomst met Amsterdam nodig. Het doel van deze overeenkomst is het vastleggen van afspraken over de samenwerking van beide gemeenten ten aanzien van de beoogde ontwikkeling van Werkstad OverAmstel, deelgebieden Noord & Zuid, inclusief het kostenverhaal en het maken van afspraken over de realisatie van de investeringen in de openbare ruimte. 

De investeringen in de openbare ruimte zijn voor rekening en risico van Amsterdam. De investeringen moeten afgestemd worden op de voortgang van de diverse deelprojecten. Bij ontwikkelingen die betrekking hebben op gronden die niet in erfpacht uitgegeven zijn, moet Ouder-Amstel er in de contractvorming met de betreffende partijen voor zorgen dat deze een financiële bijdrage leveren aan het inrichten van de openbare ruimte. 

Deze bijdrage wordt vervolgens ter beschikking gesteld aan gemeente Amsterdam. De beschreven situatie, met een complexe verdeling van verantwoordelijkheden, vraagt om een flexibel systeem met een planning op hoofdlijnen die regelmatig bijgesteld kan worden. Hierin voorziet de overeenkomst. Deze overeenkomst heeft geen relatie met het dagelijks beheer en onderhoud van de openbare ruimte in de Werkstad. Verbeteren hiervan is een apart traject dat is belegd bij Duo+. Het college wordt gevraagd akkoord te gaan met bijgaande overeenkomst voor de nieuwe investeringen in de openbare ruimte.

Besluit 

  1. De overeenkomst met gemeente Amsterdam voor Werkstad OverAmstel, de deelgebieden Noord en Zuid, aan te gaan.
  2. Conform artikel 55 van de Gemeentewet geheimhouding op te leggen op bijlage 2 van de overeenkomst (Investeringsplan Werkstad OverAmstel deelgebied Noord en Zuid) waarin de bedragen van de investeringen zijn opgenomen.

Behoort bij B&W-besluitenlijst d.d. 19 juli 2022

de secretaris, 
R. van Reijswoud